zaterdag 19 juni 2010

Onderzoek afgerond

Ondertussen heb ik mijn actieonderzoek afgerond. Ik heb een casestudy geschreven. Deze is beoordeeld en afgetekend. Ik heb veel van het onderzoek geleerd en ik vond het heel erg leuk om te doen.

dinsdag 27 april 2010

Interactie analyse

Op Domstad moeten we nu naast het actieonderzoek ook een interactieanalyse maken. Dit is vanuit de universiteit. Voor de interactie analyse moet ik samen met een klasgenoot een film of geluidsfragment maken waarbij interactie voorkomt. Dit kan verbaal of non-verbaal zijn. Ik ga samen met Natasha hieraan werken. Wij hebben allebei een andere onderzoeksvraag voor ons actieonderzoek, maar we gaan dit combineren voor de interactieanalyse, zodat we dit beide kunnen gebruiken.

Ik onderzoek de betrokkenheid en Natasha onderzoekt haar taalgebruik. We hebben dit samengevoegd en we hebben een voorlopige vraag bedacht. Dit is:
Op welke manier gebruiken we onze verbale communicatie, zodat we de betrokkenheid van de kinderen verhogen in de middenbouw?

Ik kan dit goed gebruiken voor mijn actieonderzoek. Ik heb natuurlijk binnen mijn onderzoek gekeken naar de verschillende betrokkenheidsfactoren. De communicatie is hierin ook belangrijk. Ik denk dat ik dit kan laten vallen onder de factor Aanpassing aan niveau. Ik ga kijken hoe mijn taalgebruik past bij de groep en op welke manieren ik de kinderen betrokken houd en wanneer niet.

maandag 26 april 2010

Gesprek met Hans Broere over de betrokkenheidsfactoren

Ik heb een gesprek met Hans Broere gehad over hoe ik verder kan gaan met betrokkenheid in groep 6. Ik heb gekeken naar een aantal betrokkenheidsfactoren en hoe ik dit zou kunnen verwerken in mijn lessen. Ik heb de vorige cyclus gewerkt met de betrokkenheidsfactoren:
- activiteit
- aanpassing aan niveau

Nu zou ik kunnen gaan werken aan:
- sfeer en relatie
- leerlinginitiatief

Sfeer en relatie zou ik in mijn lessen naar voren kunnen laten komen door het samenwerken. Ik zou kunnen gaan kijken hoe dit gaat en in mijn les ze in tweetallen en in groepjes kunnen laten werken.

Leerlinginitiatief zou ik bijvoorbeeld in mijn lessen kunnen gebruiken:
- door de kinderen te laten kiezen uit verschillende activiteiten. Ik laat ze dan bijvoorbeeld kiezen uit een drama-activiteit, een BVO activiteit of iets anders. Het kan ook zijn dat ik ze laat kiezen uit 3 BVO activiteiten, maar met een ander onderwerp. Zo kunnen ze toch kiezen uit hun eigen interesse.
- door de kinderen zelf vragen te laten bedenken bij de tekst. Ze gaan dan beter de tekst lezen en het is zo geen invuloefening geworden. De kinderen lezen de tekst op hun eigen manier en kunnen zelf de belangrijkste punten eruit halen.
- door ze zelf te laten kiezen wat ze tekenen op hun kwartetspel. Ze mogen dit in een groepje bepalen en door te overleggen komen ze tot een beslissing. Ik geef ze wel een richtlijn en dat is dat het in de les aan bod moet zijn geweest.
- door ze zelf te laten kiezen over welk onderwerp ze lezen en zo expert in worden. Later kunnen ze dan de rest van de klas vertellen wat ze weten.

donderdag 22 april 2010

Reflectie met mijn mentor

Nu ik van groep ben gewisseld, wilde ik een goed beeld hebben van wat goed ging en waar ik op moet letten als ik in groep 6 geschiedenis ga geven. Ik had mijn mentor daarom een aantal vragen gesteld.

1. Sloten de lessen goed op elkaar aan? (Hoe kan ik dit beter doen?)
Ja, je merkjt dat het goed voor de kinderen was steeds terug te pakken naar de vorige les. Ze leren van herhaling.

2. Wanneer waren de kinderen het meeste betrokken?
Tijdens beeldbankfilmpjes en de groepsopdrachten.

3. Waar moet ik op letten als ik geschiedenis ga geven in groep 6 in vergelijking met groep 5?
Het niveau van de groep is anders. Kinderen in groep 6 zijn duidelijk breder georienteerd.

4. Welk onderwerp kan ik het best kiezen voor groep 6?
Aansluiten bij waar ze zijn gebleven. Ze hebben nu 5 lessen gehad dit jaar en deze gingen over de prehistorie. Nu kan ik het beste verder gaan met de Germanen en de Romeinen.

En nu?
Ik weet nu dus waarmee ik verder kan gaan. Er is op de Kubus nog een oude methode 'Blokboek geschiedenis 6'. Ze hebben hieruit 5 lessen geschiedenis gehad en ze kregen hier telkens een kopie uit en deze deden ze in een hoesje. In de methode zijn ze nu bij het onderwerp Germanen. Ik ga dus beginnen met de Germanen en ga dan verder met de Romeinen. Dit is dus hetzelfde als ik in groep 5 heb gedaan. Mijn lessen zullen er wel heel anders uit gaan zien. De opbouw zal er anders uit gaan zien. Ik ga namelijk de opbouw van de methode volgen en deze is anders dan ik in groep 5 heb gedaan. Ik ga ook proberen andere werkvormen te kiezen en sneller door de leerstof te gaan. Ook geef ik meer informatie in een les. Ze zijn namelijk duidelijk een jaar ouder en kunnen veel sneller de stof oppikken. Ik ga wel beginnen bij de eerste les met herhalen wat ze hebben gehad, zodat ze een basis hebben waar ik op voort kan gaan. Ook moet ik nog een tijdbalk maken, omdat ze deze in groep 6 nog niet hebben.

woensdag 21 april 2010

Planning voor de komende tijd

Ik heb nu bijna mijn eerste cylcus doorlopen. Ik heb de punten op een rijtje gezet wat ik nog moet doen om dit af te ronden. Ook heb ik alvast gekeken hoe ik de volgende cyclus wil gaan aanpakken. Hieronder beschrijf ik de stappen die ik ga zetten.

Wat moet nog gebeuren om mijn eerste cylcus af te ronden?
- Feedback van mijn mentor over de 3 geschiedenislessen.
- Reflectie op de feedback van mijn mentor.
- Leerpunten maken om de betrokkenheid in groep 6 te verhogen. Hierbij gaat het om vragen als 'Wat neem ik mee uit de lessen in groep 5?' en 'Wat kan ik nog verbeteren?' en 'Op welke manier kan ik nog meer de betrokkenheid verhogen?'.

Wat ga ik doen voor mijn tweede cyclus?
- Onderwerp bepalen voor de geschiedenislessen in groep 6.
- Informatie zoeken over dit onderwerp in methodes.
- Theorie zoeken over de betrokkenheidsfactoren.
- Doelen voor mijn lessen bepalen.
- Werkvormen kiezen.
- Lesvoorbereidingen maken.
- Lessen uitvoeren
- Reflecteren op deze lessen.
- Feedback vragen aan mijn mentor en aan groep 6.

Wat hebben de kinderen van mijn lessen onthouden?

Ik wilde erachter komen of de kinderen na mijn lessen ook nog iets hadden geleerd. Ik heb een toets gemaakt met behulp van de methode Brandaan. Deze methode had ik ook gebruikt voor het maken van mijn lessen. Ik heb de vragen aangepast, zodat ze overeen kwamen met mijn eigen doelen. Ik heb de kinderen de toets gegeven en daarna de antwoorden geanalyseerd.
Hieronder bespreek ik per opdracht hoe deze toets is gemaakt. Ik reflecteer hierbij per les hoe ik denk dat dit komt.
Ik heb telkens 3 opdrachten per les in de toets gezet.
Les 1 = opdracht 1,2,3
Les 2 = opdracht 4,5,6
Les 3 = opdracht 7,8,9

Vragen uit les 1:
1.Wat was de grens tussen de Romeinen en de Germanen in Nederland? Kleur het goede hokje.


Aantal fout 6
Aantal goed 11

2.Kijk naar het kaartje. Teken de Romeinse grens.



Aantal fout 1
Aantal goed 16


3.Lees de zinnen. Is het waar of niet waar? Omcirkel het goede antwoord.

De Romeinen bouwden een legerkamp aan de grens. Waar/nietwaar

Aantal fout 4
Aantal goed 13

De Germanen woonden al in Nederland voor de Romeinen kwamen. Waar/nietwaar

Aantal fout 5
Aantal goed 12

De Romeinen woonden in het noorden van Nederland. Waar/nietwaar

Aantal fout 5
Aantal goed 12

De Germanen bestonden uit heel veel stammen. Waar/nietwaar

Aantal fout 6
Aantal goed 11

Reflectie:
De vragen die te maken hadden met les 1 zijn dus redelijk gemaakt. Vooral vraag 2 is heel goed gemaakt. Ze hadden allemaal gekozen voor de Rijn. Ik denk dat ze dit goed hadden, omdat dit eigenlijk elke les terug kwam.

Vragen uit les 2:

4.De Romeinen leerden de Bataven van alles. Noem twee dingen.

Aantal goede antwoorden
0 goed - 4 kinderen
1 goed - 1 kind
2 goed - 12 kinderen

5.Hoe ziet het huis van de Romeinen eruit? Kleur het goede hokje.



Aantal fout 1
Aantal goed 16

6.Hoe heet het huis van de Romeinen?

Aantal fout 6
Aantal goed 11

Reflectie:

De vragen uit deze les zijn eigenlijk ook wel goed gemaakt. Er waren een aantal kinderen die het fout hadden, maar daarvan waren er 2 kinderen die dag niet op school. Verder viel het me mee dat veel kinderen wisten dat het huis van de Romeinen een villa heet, want ze vinden taal heel lastig en dit is een begrip.

Vragen uit les 3:


7.Zet de zinnen in de goede volgorde. 1 is het eerste gebeurd en 5 het laatste.
a. De Bataven en Romeinen leven in vrede met elkaar.
b. De Bataven komen in opstand.
c. De Romeinse keizer wil dat alle Bataven bij het Romeinse leger gaan vechten
d. Julius Civilis moet vluchten.
e. De Bataven branden legerkampen van de Romeinen plat.

Aantal fout 13
Aantal goed 4

8.Hoe ziet een Romeinse soldaat eruit? Schrijf 4 dingen op wat een Romeinse soldaat draagt.


Aantal goede antwoorden
0 goed - 1 kind
1 goed - 1 kind
2 goed - 0 kinderen
3 goed - 3 kinderen
4 goed - 12 kinderen

9.Wat is een legioen? Omcirkel het goede antwoord.
A Een groep Romeinse soldaten met een eigen uniform in het Romeinse leger.
B Een Romeinse soldaat die op een paard kan vechten.
C Een soort zwaard dat Romeinse soldaten gebruikten.

Aantal fout 4
Aantal goed 13

Reflectie:
Deze vragen zijn iets minder gemaakt. Ik had dit wel verwacht, vooral bij vraag 7. Ik heb de opstand namelijk vrij kort behandeld en dit alleen gedaan met een filmpje en daarna kort besproken. Ik moet hier de volgende keer dus meer aandacht aan besteden. Wel zijn de kinderen actief bezig geweest met het Romeinse uniform en veel kinderen konden deze vraag ook goed beantwoorden.

Leerpunten:
- Uit deze toets kan ik dus halen, dat de kinderen het meeste onthouden door herhaling. De vragen uit les 1 zijn beter te maken, doordat we deze leerstof in de andere lessen ook hebben behandeld. Ik zal dus de volgende keer weer veel gaan herhalen. Zo onthouden ze de leerstof het beste.
- Ook zijn de vragen goed gemaakt, waarbij we creatief aan de slag zijn gegaan. Dit is dus iets om te blijven doen in groep 6.
- Ook de vragen met afbeeldingen erbij zijn goed gemaakt, omdat wij ook veel visuele middelen hebben gebruikt in de lessen. Ik zal dus rekening moeten houden met dat als ik veel visuele beelden laat zien, ik ook visueel de vragen moet stellen. En ik zal dit ook duidelijk mondeling moeten uitleggen, want anders kunnen de kinderen dit zelf lastig verwoorden.

Reflectie met groep 5

Vandaag was ik echt voor het laatst in groep 5. Ik heb alles afgerond om te kunnen beginnen in groep 6.
Voor mijn onderzoek moest ik nog een aantal dingen met de klas doen:
- Reflecteren op de 3 geschiedenislessen.
- Een toets geven om te kijken of ze iets hebben geleerd.

Hieronder bespreek ik dit eerste punt.
Ik ben begonnen met een gesprekje over wat ze vonden van de geschiedenislessen en wat ik nog beter kan doen voor als ik naar groep 6 ga.
Hieronder staan de punten die de kinderen mij hebben meegegeven.

Punten die heel goed gingen volgens de kinderen:
- De Romeinenlessen waren erg leuk.
- Sommige kinderen vonden alles leuk en ik hoefde niets veranderen.
- De uniforms maken van de Romeinse soldaten was erg leuk.
- Het bouwen van de legerkampen was heel leuk.
- Het tekenen van het leven van de Romeinen of Germanen was leuk.
- Het leukste was dat er twee Romeinen in de klas waren. Dit moet ik ook doen in groep 6.

Punten om te verbeteren volgens de kinderen:
- Ik kan soms nog wat beter uitleggen hoe ze de opdrachten moeten doen.
- Bij het werkblad vonden ze het lastig om de betekenissen van de Latijnse woorden te raden.
- Bij het werkblad maken, vonden ze de verschillen zoeken niet zo leuk.
- De werkbladen vonden ze het minst leuk van de lessen.
- Het was jammer dat er zo weinig tijd was voor het tekenen van het leven van de Romeinen of de Germanen.
- In groep 6 kan ik misschien ook andere onderwerpen gaan behandelen.

Wat ga ik met de feedback doen?
Ik ben het eigenlijk helemaal eens met de kinderen. Ik vond de creatieve opdrachten het leukste en de kinderen waren daarbij het meest betrokken. Ook merkte ik heel goed dat de kinderen de Romeinen in de klas heel leuk vonden, omdat ze toen moesten lachen en het was toen heel gezellig en ze deden ook goed mee.
De werkbladen heb ik gedaan om de kinderen met de leerstof bezig te laten zijn. Ik vond dit ook het minst leuk, maar ze leren hier wel van. Ook hebben ze dit toen wel heel goed gemaakt. Ik zal dit waarschijnlijk nog wel gaan gebruiken, maar daarnaast ook elke keer iets leuks erbij doen.
Ook klopt het dat de kinderen weinig tijd hadden bij het tekenen. Dit vond ik zelf ook vervelend. Ik wil vaak heel veel dingen doen in een les en daar heb ik gewoon te weinig tijd voor. Ik zal dus nog iets beter keuzes moeten maken.
Ook was ik van plan in groep 6 een ander onderwerp te kiezen dan de Romeinen. De Romeinen waren heel erg leuk, alleen ik zou nu graag ook iets anders willen proberen.

dinsdag 20 april 2010

Gesprek Gerard Dummer op Domstad

Ik heb een gesprek gehad met Gerard Dummer op Domstad. Ik had een aantal vragen om verder te gaan met mijn onderzoek. Samen met hem en een medestudente heb ik hiernaar gekeken en een antwoord hierop gevonden.

- Hoe kan ik verder gaan met mijn onderzoek in een andere groep?

Ik kan dit op een aantal manieren doen.
Betrokkenheid kan op verschillende manieren worden bevorderd.
De betrokkenheidsfactoren zijn:
- de activiteit
- aanpassen aan het niveau
- werkelijkheidsnabijheid
- sfeer en relatie
- leerlinginitiatief

Ik ben in groep 5 vooral bezig geweest met verschillende werkvormen. Dit heeft te maken met de activiteit. Verder heb ik rekening gehouden met de leerstijlen. Dit heeft te maken met het aanpassen aan het niveau.

Manier 1:
Ik ga in groep 6 op dezelfde manier verder als in groep 5. Ik ga kijken of ik in groep 6 met dezelfde werkvormen de kinderen ook betrokken kan houden of dat daar andere werkvormen bij horen. Ook ga ik weer kijken naar de leerstijlen en hoe ik dit kan gebruiken in groep 6. Ik maak dus gebruik van dezelfde betrokkenheidsfactoren maar in een andere situatie.

Manier 2:
Ik heb in groep 5 de betrokkenheid verhoogt door de activiteit en het aanpassen aan niveau. Nu zijn er nog 3 andere betrokkenheidsfactoren. Dit zijn sfeer en relatie, werkelijkheidsnabijheid en leerlinginitiatief. Ik kan nu gaan kijken of ik in groep 6een van die andere factoren kan gebruiken.

De keuze tussen deze manieren gaat afhangen van het onderwerp en ik ga dit met mijn mentor overleggen.

- Hoe kan ik 2 cyclussen doorlopen?
In groep 5 heb ik 3 lessen gegeven en daarbij gekeken naar de betrokkenheid. Deze 3 lessen horen bij de eerste cyclus. Ik heb hier op gereflecteerd en ik kan dit mee nemen naar de volgende groep. In groep 6 ga ik ook proberen 3 lessen te geven en dit wordt dan de tweede cyclus.

zondag 18 april 2010

Reflectie van de lessen over de Romeinen

Reflectie geschiedenis les 1 Romeinen

Dit was mijn allereerste geschiedenisles. Ook voor de kinderen was dit de eerste keer. Ik begon daarom met het laten zien van een doosje met allerlei spullen uit mijn eigen geschiedenis. In het doosje zaten mijn lievelingsjurkje van vroeger, mijn eerste schoentjes, guldens en een foto van vroeger. Ik liet deze zien en vertelde dat dit hoorde bij mijn geschiedenis. Daarna liet ik de kinderen zelf opschrijven wat nog meer bij geschiedenis hoorde om te kijken wat zij al wisten. De meeste kinderen kenden de term Romeinen al en het was dus niet helemaal onbekend.
Ik maakte samen met de kinderen een tijdbalk. Ik had een kartonnen papier met een klassenfoto erop voor 'nu' en een ander papier voor de tijd van de Romeinen. Hierop stond nog niets, want daar moest na verloop van tijd iets op komen. Mijn mentor gaf later aan dat ik ook de jaartallen erbij had kunnen zetten. Dit had ik bewust niet gedaan, omdat dit voor groep 5 nog niet hoeft, maar volgens mijn mentor kon dit al wel. Ik ging daarna verder met het voorlezen van een verhaal uit het boek ‘Lang geleden’. Ik gaf de kinderen een luisteropdracht en de kinderen luisterden goed. Een van de kinderen gaf aan dat hij het jammer vond dat ik stopte met lezen, omdat hij het zo spannend vond.
Daarna ging ik samen met de klas de grens tussen de Romeinen en de Germanen tekenen op een kaart. Ik heb dit later ook gekopieerd en aan de kinderen mee gegeven. Ik wilde best veel vertellen en hierdoor ben ik ook een aantal dingen vergeten.
Daarna legde ik uit dat ze in een groepje een legerkamp gingen bouwen met kosteloos materiaal. Ik had al spullen uit de kelder gehaald en van thuis meegenomen, maar ik heb nog een paar keer moeten lopen, want ze bleven maar doorgaan met bouwen. Hierdoor duurde de les ook wel erg lang. De kinderen werkten heel goed samen en ze keken ook naar de afbeelding van het legerkamp op het digibord. Na de les heeft mijn mentor ook een hoekje gemaakt voor de legerkampen en daarboven plaatjes gehangen die uit de powerpoint kwamen.

Ik heb ook feedback gehad van mijn mentor op deze les:
Ze vond mijn inleiding leuk met mijn eigen geschiedenis.
Ik stelde een vraag over hoe we weten hoe het vroeger was voordat er boeken waren. De kinderen konden hier geen antwoord op geven. Ik had hier nog wat meer nadruk op mogen letten.
Ze vond het goed dat ik voor het voorlezen de kinderen een opdracht gaf.
Ik mag nog wat meer de woorden herhalen, zoals wachttoren, barak, Romeinen en Germanen.
Het was goed dat ik kinderen aanwees om materialen te komen halen voor het knutselen. De kinderen waren tijdens het knutselen gemotiveerd bezig. De samenwerking was top!
De kinderen gingen hun handen verven en dit moet ik niet toestaan.
Ik mag ook de volgende keer vertellen wanneer de Romeinen er precies waren.

Reflectie geschiedenis les 2 Romeinen

Ik vond deze les echt heel erg leuk. Ik had alleen te weinig tijd. Ik had wel een tijdsplanning gemaakt en het ging een tijd goed, maar het bekijken en bespreken van de afbeeldingen op de powerpoint kostte meer tijd dan ik dacht. Ook stelde de kinderen veel vragen voordat we konden beginnen met de puzzel. Ik dacht dat de uitleg heel kort zou gaan duren. Dit was niet heel erg, want de kinderen hebben de hele les heel goed mee gedaan en ze waren erg betrokken.
Ik had voor mijn les gevraagd welke kinderen mij zouden willen helpen met de geschiedenisles. Heel veel kinderen wilden dit. Ze moesten alleen een kwartiertje eerder in de klas komen. Daarom koos ik alleen de kinderen die moesten overblijven. Ik koos een meisje en een jongen. Zij kwamen op kwart voor een naar binnen en ik legde ze uit wat de bedoeling was. Ze kwamen zelf ook met ideeen en vragen. Ze vonden het wel een beetje spannend hoe de andere kinderen zouden reageren. Ze kregen namelijk een groot geel doek om zich heen en die werd met een speld vast gemaakt. Ze kregen een mandje met druiven en een spiegeltje erin. Zo waren het echte Romeinen geworden. Ze moesten voor de klas gaan zitten en wachten tot de klas binnen kwam. Ze moesten doen alsof ze hun geheugen kwijt waren en ze niet uit deze tijd kwamen. De klas kwam binnen en moest lachen. Ik wilde direct beginnen, maar er was een probleempje met een aantal kinderen en dit loste Jolanda eerst even op. Daarna begon ik met mijn verhaal. Ik liet de tijdmachine zien. De kinderen moesten lachen en geloofden er natuurlijk niets van, maar ze luisterde wel heel goed naar wat ik vertelde. Ik legde uit uit welke tijd ik de Romeinen had gehaald en dat ze hun geheugen kwijt waren. De klas moest vertellen wat ze nog wisten over de Romeinen om de Romeinen te helpen en zo haalde ik de voorkennis nog even op. De Romeinen gingen weer weg en ik ging verder met de tijdbalk. Ik vroeg de kinderen op welke tijd ik de tijdmachine ook al weer had gezet en ik hing samen met de kinderen de jaartallen op bij de plaatjes uit de vorige les. Zo was de tijdbalk compleet. Daarna ging ik verder met een filmpje en liet ik ze een werkblad invullen. De kinderen konden dit allemaal beantwoorden en hadden echt goed opgelet. Daarna liet ik plaatjes zien van het leven van de Romeinen en de Germanen. De kinderen moesten een geel kaartje laten zien bij de Germanen en een rode bij de Romeinen. Ze moesten ook uitleggen waarom ze hiervoor hadden gekozen. Dit konden ze uitleggen doordat ze goed hadden opgelet bij het filmpje en bij het maken van het werkblad. Het ging heel goed en alle kinderen luisterden ook goed. Daarna wilde ik ze een tekening laten maken van het leven van de Romeinen of de Germanen en deze moesten ze in stukjes knippen als een puzzel. Dit werkte iets minder, omdat er te weinig tijd voor was. Ik had uiteindelijk beter ze alleen een tekening kunnen laten maken, want er was geen tijd meer om elkaars puzzel te bekijken. Wel waren ze allemaal druk bezig. Ik had boeken met plaatjes mee genomen en deze mochten ze ook bekijken. Ook had ik op het digibord een aantal plaatjes gezet, waar de kinderen naar konden kijken.
Bij mijn afscheid van de klas vertelde een van de kinderen dat hij deze les het leukst had gevonden. Hij was een van de Romeinen.

Mijn mentor had ook feedback gegeven:
Ze vond het een leuke inleiding. Het filmpje was duidelijk en de kinderen waren vol aandacht. Ze konden de vragen goed beantwoorden. Ze vond het goed dat ik beroep deed op verschillende persoonlijkheden, zoals:
- luisteren + kijken
- samenwerken bij het werkblad invullen
- kaartjes omhoog doen het kiezen of de afbeeldingen horen bij de Germanen of bij de Romeinen.

Reflectie geschiedenis les 3 Romeinen

Ik begon bij deze les met een spelletje. Ik gaf een van de kinderen een kaartje en de andere kinderen moesten door vragen te stellen erachter komen wat er op het kaartje stond. Het lukte de kinderen om erachter te komen. Ze vonden het alleen lastig om vragen te stellen. Ze gingen namelijk vragen stellen als: Begint het woord met de letter….?
En dat was niet helemaal de bedoeling. Maar uiteindelijk ging het erom dat de kinderen terug dachten aan wat ze al hadden geleerd en dit was gelukt. Daarna pakte ik het kaartje van de eerste les er weer bij waar de grens op stond en vertelde ik dat de Germanen in opstand kwamen tegen de Romeinen. Daarna liet ik een filmpje zien. Dit ging een beetje rommelig, want het was lastig te zien, door het licht. Ik had ze een kijkopdracht gegeven en na het filmpje konden ze dit beantwoorden. We gingen verder met het bekijken van afbeeldingen en ik liet de kinderen veel benoemen wat zij zagen. Daarna kwam weer een filmpje, dit keer over de Romeinse soldaten. Ik liet ze hierna een werkblad maken waar ze vragen op maakten over het uniform van deze soldaten. We bespraken dit. Toen heb ik de kinderen in groepjes van 4 een uniform laten maken en deze moest een kind van het groepje aan. Ik had dit de kinderen zelf laten bepalen en bij de meeste groepjes ging dit goed, alleen bij een groepje moest ik loten. De kinderen gingen druk aan de slag en keken goed naar de afbeelding op het digibord. Ze waren goed aan het samenwerken en iedereen was bezig. Ze hadden weinig tijd, maar ze maakten toch allemaal een uniform. Daarna liet ik de kinderen met uniform voor de klas en daar gingen we nog even naar kijken. Dit ging een beetje rommelig. Ook het opruimen ging langzaam. Ik denk dat dit kwam, doordat de kinderen eigenlijk nog niet klaar waren en graag verder wilden gaan met hun uniform. Ze probeerden nog door te gaan en ik had toen duidelijk moeten aangeven wat de bedoeling was. Wel was het duidelijk dat de kinderen het leuk vonden om te doen en ook echt er mee bezig waren.
Daarna gingen we de uniforms verloten tussen de kinderen.

Ik heb op deze les geen feedback gehad van mijn mentor.

Reflectie na de 3 lessen

Ik vond het heel leuk om de geschiedenislessen te geven. Ik heb van alles uitgeprobeerd. Ik was van te voren bang dat de kinderen het niet leuk zouden vinden. Ze hadden nog nooit geschiedenis gehad en ik had de lessen helemaal zelf verzonnen. Eigenlijk vonden alle kinderen het leuk en ze deden allemaal heel goed mee.

Hieronder staan de werkvormen. Per werkvorm beschrijf ik hoe het ging.

Werkblad maken
Ik heb de kinderen twee keer een werkblad gegeven na het zien van een filmpje. De kinderen konden deze vragen allemaal beantwoorden als ze goed hadden gekeken en geluisterd. De kinderen wilden allemaal antwoorden en ze waren goed de opdrachten aan het maken. Ze mochten dit van mij in tweetallen doen, maar niet iedereen wilden samenwerken. Ik had van te voren gedacht dat werkbladen misschien niet zo leuk waren, omdat ik opdrachten maken uit het boek zelf nooit leuk vond. Maar voor hun was het leuk, omdat het niet zo van zelfsprekend was dat zij een werkblad kregen en opdrachten mochten maken over geschiedenis.

Legerkamp bouwen
Dit vond ik heel erg leuk. De kinderen deden zo goed mee en werkten ook heel goed samen. Het werken in groepjes vinden de kinderen ook erg leuk. Met een groepje van 4 kinderen moesten ze een legerkamp bouwen. Ze keken allemaal goed naar het plaatjes van het legerkamp en hierdoor waren ze hier dus ook druk mee bezig. Aan het eind moesten we loten, omdat de meeste kinderen het legerkamp wilden hebben.

Puzzel maken

Ik liet de kinderen eerst plaatjes zien van het leven van de Romeinen en de Germanen. Daarna mochten zij er een tekening van maken en deze in stukjes knippen. Zo kregen ze een puzzel. Er was alleen te weinig tijd en eigenlijk had ik net zo goed ze alleen een tekening kunnen laten maken. Als er meer tijd was geweest kon ik ze elkaars puzzel laten maken, maar nu had dit weinig effect. De kinderen waren wel heel goed aan het kijken naar plaatjes en ze gingen ook in de boeken bladeren om nog beter te kijken hoe het eruit zag. Je zag wel veel verschillen tussen de jongens en de meisjes, want de meisjes tekenden vooral het leven van de Romeinen met huizen, etc. en de jongens meer de soldaten.

Romeins uniform maken
Dit was heel leuk. Hierbij mochten ze weer in groepjes werken. Ze hadden eerst een werkblad ingevuld over de Romeinse soldaat en daarna mochten ze zelf zo’n uniform maken. Ze moesten met een groepje een uniform maken en daramee een kind van het groepje aankleden. Er was weinig tijd, dus dat was wel jammer, want de kinderen waren wel heel goed bezig en ze wilden het graag afmaken. Zelfs tijdens het opruimen waren ze nog bezig met hoe het eruit zag.

Placemat
Dit is een cooperatieve werkvorm. Ik gaf elk groepje een placemat en ze moesten eerst zelf bedenken wat geschiedenis was en daarna met elkaar overleggen. Ik vond dat ze dit wel goed deden, maar ze hadden heel veel dezelfde antwoorden en ze vonden het lastig om iets te bedenken.

Kinderen als Romein verkleden
Dit was heel leuk. Ik liet twee kinderen verkleed als Romeinen in de klas zitten voordat de rest van de klas binnen kwam. De kinderen die verkleed waren vonden het volgens mij wel een beetje spannend hoe de kinderen reageerden. Ik had van te voren met hun alles door gesproken en ze wisten wat de bedoeling was. Toen de kinderen binnen kwamen en de Romeinen zagen, moesten ze lachen. Wel waren ze meteen betrokken. Het was vooral heel grappig en leuk, maar toch onthouden ze wel heel goed wat de Romeinen aan hadden en mee hadden genomen. Ook was het de bedoeling dat ik de stof van vorige week hierbij herhaalde en dat lukte heel goed, want ze wilden van alles vertellen. Toen ik afscheid nam vertelde een van de kinderen ook dat hij die les het leukste vond. Hij was een van de Romeinen.

Tijdmachine
Dit vond ik zelf heel spannend, want ik was bang dat ze het kinderachtig vonden. Toch ging het heel goed. Ze moesten wel lachen, maar ze onthielden wel wanneer de Romeinen leefden en ze luisterden allemaal wel.

Tijbalk maken
De tijdbalk heb ik elke les laten terug keren. Eerst alleen met plaatjes, maar mijn mentor gaf aan dat ik wel jaartallen kon gebruiken. Dit heb ik in de tweede les gedaan. Ook hebben we plaatjes bij de plaat van de Romeinen geplakt en zag het er heel leuk uit.

Filmpjes bekijken
Ik vond dit heel goed werken. De kinderen keken naar het filmpje. Het was vooral heel handig om een luister/kijk opdracht te geven, omdat ze dan extra goed keken. Verder waren de filmpjes heel leerzaam en er werd ook vaak herhaald.

Powerpoint maken met afbeeldingen
Dit was heel leuk. Door de afbeeldingen kregen de kinderen een heel goed beeld. Ik liet ze zelf vertellen wat ze zagen en hierdoor deden ze ook goed mee. Soms ontdekten ze nog meer dan dat ik zelf had gezien. Ook kon ik heel goed uitleggen wat ik bedoelde en gaf het mij zelf ook veel ondersteuning. Het was dus en heel handig en heel leuk voor de kinderen.

Kinderen met kaartjes omhoog laten steken
Dit werkte ook heel goed. De kinderen deden allemaal mee. Ze moesten kiezen of de afbeelding bij de Germanen of bij de Romeinen hoorden. Het was eigenlijk heel simpel, maar door de kaartjes bleven ze wel allemaal betrokken. Ze moesten wel goed naar de afbeeldingen kijken en daarna mij ook uitleggen, waarom ze hiervoor hadden gekozen.

Voorlezen

Dit vind ik zelf altijd heel spannend, omdat ik voorlezen best lastig vind. Ik vind het wel heel leuk en de kinderen waren ook heel stil. Ze hadden van te voren een luisteropdracht gekregen en deze konden ze ook gedeeltelijk beantwoorden na het verhaal. Ik vond het vooral heel leuk, dat een jongetje zei: ‘Ik vond het zo spannend, kan je niet doorlezen?’ . Dit jongetje doet niet altijd goed mee, dus dat vond ik wel leuk. Het verhaal was uit, maar blijkbaar vonden ze het voorlezen wel heel leuk.

Ik heb ook gemerkt dat ik geschiedenis steeds leuker ben gaan vinden. Ik vond het vroeger altijd heel stom, omdat het meer begrijpend lezen was en daarna opdrachten maken uit het boek. Nu probeer ik het leuker te maken door filmpjes, in groepjes werken en ook creatief er mee bezig te zijn. Ik zorg voor veel verschillende werkvormen, zodat eigenlijk alle leerstijlen van de kinderen aan bod komen.

vrijdag 16 april 2010

Verandering van stageklas en onderzoek

Ik heb nu 3 lessen gegeven in groep 5. Ik heb hierbij rekening gehouden met de leerstijlen. Ik heb de leerstijlen onderzocht en gekeken wanneer zij betrokken zijn. Dit heb ik gedaan met een vragenlijst. In mijn lessen heb ik dit verwerkt, doordat ik veel verschillende werkvormen heb gebruikt. Ik heb vooral veel visuele materialen, zoals filmpjes en afbeeldingen gebruikt en dit sluit heel goed aan bij de dromers in mijn groep. Ik maak later nog een uitgebreide reflectie van deze 3 lessen.

Er is namelijk deze week heel veel veranderd in mijn stage en dus ook voor mijn onderzoek. Door omstandigheden op de Kubus ga ik vanaf volgende week stage lopen in groep 6. Mijn mentor Jolanda blijft mij begeleiden. Ik heb deze week afscheid genomen van mijn groep. Hierbij bleek ook dat ze de geschiedenislessen heel leuk vonden. Dit was natuurlijk heel leuk om te horen.

Ik moet nu alleen mijn onderzoek iets aanpassen. Ik was van plan om 3 series van 3 lessen te geven in groep 5. Elke keer wilde ik dan reflecteren op mijn lessen en dit mee nemen naar de volgende serie. Nu ga ik dus naar een andere groep. Ik weet nog niet precies hoe ik dit ga oplossen. Ik denk nu dat ik een goede reflectie ga maken met de kinderen en met mijn mentor van de afgelopen 3 lessen. Ik ga kijken wat goed ging en dit neem ik mee naar mijn nieuwe groep om daar de betrokkenheid te verhogen voor de geschiedenislessen. Ik wil kijken of dezelfde werkvormen die in groep 5 werkten om de betrokkenheid te verhogen ook werkt voor groep 6. Ook ga ik kijken waar ik op moet letten bij groep 6 in vergelijking met groep 5.

Ik ga de komende weken eerst goed observeren om mijn nieuwe klas te leren kennen. Daarna ga ik pas weer verder met mijn geschiedenislessen. Ik vind het belangrijk om eerst een goed beeld te krijgen van mijn klas en om te kijken wanneer zij betrokken zijn en wanneer niet. Hierdoor loop ik dus alleen iets vertraging op.

Ik hoop dat het onderzoek verder goed zal verlopen en dat ik zo door kan gaan.

maandag 12 april 2010

vragenlijst

Ik heb ondertussen al heel wat gedaan. Ik heb een vragenlijst gemaakt voor de kinderen uit mijn groep om erachter te komen wanneer zij betrokken zijn. Ik wilde weten wat zij leuk vinden. Ook wilde ik achter de leerstijlen komen van de kinderen uit mijn groep. Ik heb een vragenlijst gemaakt en feedback gekregen van Saskia de Jong. Ik heb de vragenlijst voorgelegd aan de kinderen. Ik heb de antwoorden geanalyseerd. Dit zijn de resultaten:











Ik heb nu dus veel informatie gekregen over de kinderen. Dit wil ik gaan gebruiken in mijn lessen.

dinsdag 23 maart 2010

Eigen ervaring met geschiedenis

Ik heb geschiedenis op de basisschool gekregen uit een methode. We lazen altijd de tekst en we maakten de vragen. Ik vond dit niet leuk en een beetje saai. Ik kan me ook niet zo veel herinneren van wat ik heb geleerd. Daarom wil ik mijn lessen geschiedenis leuk maken. Ik wil daarom echt rekening houden met wat de kinderen leuk vinden. Daarom wil ik gaan kijken wanneer de kinderen echt betrokken zijn. Ik vond opdrachten uit een werkboek niet leuk, dus daarom zou ik dit zelf in mijn les niet zo snel doen. Maar als de kinderen aangeven dat ze dit wel leuk vinden, zal ik dit wel moeten gaan gebruiken.
Ik ga dus nu eerst kijken wanneer de kinderen betrokken zijn.

vrijdag 12 maart 2010

Vorderingen

Ik heb een gesprek met de geschiedenis docent gehad op Domstad. Hierbij heb ik besproken hoe ik mijn lessen kan gaan opzetten. Ik ga beginnen met het onderwerp Romeinen. Dit ga ik doen door in methodes te kijken naar de belangrijkste begrippen die de kinderen in groep 5 moeten leren. Hierna ga ik lesdoelen formuleren en de werkvormen erbij kiezen.
Ik vond geschiedenis op de basisschool nooit leuk en ik was blij dat ik ervan af was. Ik wil daarom zorgen dat ik geschiedenis op een boeiende manier ga geven en ik wil hierbij letten op betrokkenheid. Dit ga ik doen door verschillende werkvormen en samen met de kinderen te evalueren op mijn les.
Ik ga bij mijn onderzoek mezelf ook meer verdiepen in het vak geschiedenis. Dit ga ik doen door gebruik te maken van het boek 'Geschiedenis geven' en 'Geschiedenis en samenleving'.

vrijdag 5 maart 2010

Algemeen plan

Ik ben al druk bezig met mijn actieonderzoek. Ik heb op mijn stageschool contact gehad met de leerkrachten van de bovenbouw, de interne coach en met mijn mentor. Hieruit is gekomen dat ik me ga richten op de gebieden 'Romeinen', 'Middeleeuwen' en 'Jagers en boeren'. Ik begin in week 12 met mijn eerste geschiedenisles in groep 5 met de Romeinen. Ik ga daar waarschijnlijk ongeveer 3 lessen over geven. Hierna wil ik reflecteren hoe deze eerste serie lessen ging en hoe ik dit kan verbeteren. Hierbij wil ik de leerlingen en mijn mentor betrekken.

Ik heb verder nog een afspraak staan met de geschiedenisdocent op Domstad. Hier ga ik verder kijken hoe ik mijn lessen het beste kan inrichten.

dinsdag 2 maart 2010

Deelvragen

Hallo,

Mijn onderzoeksvraag is: Hoe kan ik een lessenserie maken voor groep 5 voor het vak geschiedenis die aansluit op de beginsituatie van mijn stagegroep?

Ik heb daarvoor een aantal deelvragen geformuleerd:
- Wat is de beginsituatie van mijn klas?
- Wat moet groep 5 leren voor het vak geschiedenis?
- Hoe zorg ik voor betrokkenheid tijdens mijn geschiedenislessen?
- Hoe kan ik mijn lessen goed opbouwen en laten aansluiten op elkaar?
- Hoeveel tijd heb ik voor mijn lessen in mijn stage en hoeveel lessen mag ik geven?

Ik ga proberen om eerst mijn deelvragen te beantwoorden. Dit ga ik doen door te overleggen met mijn mentor en de interne coach. Ik ga kijken naar de kerndoelen op tule.slo.nl en welke ik ga gebruiken in mijn lessen. Verder ga ik literatuuronderzoek doen naar betrokkenheid en welke werkvormen hierbij passen. Ook ga ik in gesprek met docenten van Domstad om erachter te komen hoe ik het beste mijn lessenserie kan maken.

Jasmijn

dinsdag 16 februari 2010

Hallo,

Ik ben begonnen met het algemeen idee voor mijn actieonderzoek. Ik heb een voorlopige probleemstelling geformuleerd: Hoe kan ik een lessenserie maken voor groep 5 voor het vak geschiedenis, gebaseerd op de kerndoelen voor groep 5?

Ik vind dit belangrijk, omdat ik het lastig vind om een les te maken zonder methode die aan sluit bij de beginsituatie van de kinderen in mijn groep. Ik zou ook willen weten hoe ik de lessen goed op elkaar kan laten aan sluiten. Ik heb gekozen voor het vak geschiedenis, omdat de kinderen nu geen les krijgen in wereld orientatie en daar geen methode voor is op de school. Het is voor dit onderzoek te groot om geschiedenis, aardrijkskunde en natuuronderwijs te doen, dus ik heb gekozen voor een van deze vakken.

Ik wil dit onderzoeken door te kijken naar de kerndoelen uit de wet, door interviews te houden met de leerkrachten op mijn stageschool. Ik kan op deze manier uitzoeken wat de kinderen moeten leren. Eventueel kan ik ook aan mijn stageklas vragen wat zij zouden willen leren. Zo kan ik een lessenserie maken die aansluit op de behoeftes van de kinderen en wat zij moeten leren.

Ik laat jullie zo snel mogelijk weten hoe het verder gaat.

Jasmijn

vrijdag 12 februari 2010

Startonderzoek

Hallo allemaal,

Dit is mijn eerste bericht op het blog. Ik wil je op de hoogte houden van mij actieonderzoek.
Veel plezier!

Jasmijn